Getuigenis: Aruba

Mijn naam is Tim en ik ben 28 jaar. Ik woon sinds kort op Aruba. Dat is iets waar ik al sinds 2002 over nadenk en nu is het dan zover. Er is wel heel veel aan vooraf gegaan.

Het begon allemaal
in 1999 op het Soul Survivor festival. Daar heb ik voor het eerst Jezus leren kennen. Ik hoorde er altijd wel over en ging naar de kerk, maar die mensen daar hadden iets meer. Het was iets wat ik niet onder woorden kon brengen, maar wat ik ook wilde hebben. Tijdens dat festival heb ik een bewuste keuze voor Jezus gemaakt. Een aantal maanden daarna heb ik me laten dopen.

Tussen dat festival en mijn doop ben ik op Aruba op vakantie geweest, waar familie van mij woont. Ik heb het enorm naar mijn zin gehad. Hier heb ik ook een ontmoeting met God gehad. In 2001 ben ik weer op Aruba geweest. Ook nu had ik weer een heel leuke tijd en ik leerde de familie ook beter kennen.

In mei 2002 was ik voor de vierde keer op Soul Survivor. Daar woonde ik een seminar bij met als titel ‘Go for gold, go for God’. Daarin werd onder andere verteld dat het goed is om je wensen die je hebt op te schrijven. De spreker vertelde dat hij dat ook gedaan had en toen hij na een tijdje terug keek zag hij dat meer dan de helft al vervuld was! Ik heb toen ook een wensenlijst gemaakt. Eén van mijn wensen was ‘mijn familie bereiken met het evangelie’. Mijn ouders geloven, maar van de rest van de familie gelooft bijna niemand. In eerste instantie had ik mijn familie in Nederland op het oog, maar toen ik in juli 2002 weer op Aruba was en ‘s avonds onder een mooie sterrenhemel zat, liet God me zien dat ik ook daar familie heb en dat Hij wil dat ik daarheen ga.

Tijdens een volgende vakantie op Aruba vroeg ik mijn tante wat er met het huis van mijn opa en oma zou gebeuren in de toekomst. Ze vertelde me dat het ooit verkocht zou gaan worden. Ik heb meteen laten weten dat het me wel wat leek om dat huis te kopen. Tijdens die vakantie heb ik op verschillende manieren van God bevestiging gekregen dat dat echt Zijn plan was. Mijn liefde voor Aruba en de familie daar werd steeds groter en groter. Ik moest nog wel afstuderen en dat zou nog wel een aantal jaren in beslag nemen, maar dat was niet erg.

In april 2004 kreeg ik verkering met een ongelovig meisje. In de Bijbel staat wel dat dat niet zo handig is, maar je denkt op zo’n moment dat het waarschijnlijk toch wel mee zal vallen. Als je maar elke zondag naar de kerk gaat en doordeweeks blijft bidden en lezen uit de Bijbel, dan gaat zij vanzelf ook wel geloven. Dat was dus niet zo. Ik raakte juist weg van God. Zo ver weg zelfs, dat er een aantal jaren helemaal geen contact meer was tussen ons. Het verlangen om naar Aruba te gaan verdween ook.

Op een gegeven moment zat ik er enorm doorheen. De relatie liep niet meer en met mijn werk en studie had ik het enorm druk. De relatie is uitgegaan en ik had een andere baan aangenomen, dus het was best een heftige tijd met veel veranderingen. Juist in die tijd ben ik weer God gaan zoeken. Ik ben ook weer naar de kerk gegaan. Daar was ik de vijf jaar daarvoor twee of drie keer geweest met Kerst en verder niet. Toch wilde ik weer achter Jezus aan en Hem volgen.

In de periode dat ik weer teruggekomen was voelde ik me enorm welkom. Mensen waren blij dat ik er weer was en dat deed me denken aan het verhaal in Lucas 15 over de verloren zoon. Degenen die het niet kennen moeten het zeker eens lezen. Ik voelde bij mijn terugkomst zoveel liefde ondanks dat ik veel mensen heb pijn gedaan. Die liefde is precies zoals onze Hemelse Vader wil dat we leven en met elkaar omgaan. Binnen korte tijd voelde ik me weer helemaal thuis en kreeg weer een levende relatie met God.

Vorig jaar juni besloot ik weer naar Aruba te gaan. ‘Waarom ook niet’, dacht ik. Voordat ik ging dacht ik weer aan het huis. Ik ben wat zaken gaan regelen, zodat als ik op Aruba was ik alles zou kunnen afronden. Ik heb die maand bij een tante van me gelogeerd. Doordat ik daar was zag ik weer meteen waarvoor ik eigenlijk naar Aruba zou komen. Ik kreeg weer zin om er echt te gaan wonen. Ik had een kerk gevonden op het eiland waar ik me thuis voelde en elke zondag heen ben gegaan. Toen heb ik gebeden en gezegd: “God, als U werkelijk wilt dat ik hier kom te wonen, dan mag U het nu voor me gaan opknappen, want zelf kan ik het niet. Ik leg het nu in Uw handen.” God vertelde me: “Als ik een heel volk uit Egypte kan wegleiden bevrijden, zou een huis voor jou dan teveel voor mij zijn?” Op dat moment was ik mijn laatste twijfel kwijt en kreeg ik weer rust en vertrouwen. 

Toen ik weer bij mijn tante was vertelde ik dat ik zeker wist dat ik met een hypotheek op zak naar huis zou gaan. Op dat moment zou ik nog maar acht dagen op Aruba zijn en had ik dus ook maar acht dagen om het een en ander te regelen. Precies op de laatste dag waren alle stukken voor de hypotheek rond! God heeft me iets beloofd en Hij komt zijn beloftes na. Ik vertrouwde volledig op Hem dat het allemaal goed zou komen. In de laatste week van december was het dan ook daadwerkelijk goed gekomen en was het huis officieel van mij.

In die tijd was mijn oma ernstig ziek geworden. Begin januari van dit jaar is ze helaas overleden. Dat was een kleine twee weken nadat het huis definitief van mij is geworden. Ik had dus precies op tijd het huis gekregen. Ik vond het heel bijzonder hoe dat gegaan is.

In januari 2010 ben ik een kleine week op Aruba geweest voor de begrafenis van mijn oma. Daar was mijn vader ook en ik logeerde weer bij dezelfde tante die ontzettend blij was dat ik er weer was. Tegen mijn vader vertelde ze dat ik heel positief was en veel vertrouwen had. “Tim heeft gezegd dat hij een hypotheek heeft voordat hij naar huis gaat en op de laatste dag was het voor elkaar.” Dat vond zij ook heel bijzonder. Dat is precies waarin we God mogen vertrouwen. Daarover kunnen we getuigen van Hem.

Inmiddels had ik eind augustus 2009 mijn Master-diploma, docent wiskunde, gehaald en was nu helemaal afgestudeerd. In de korte week dat ik op Aruba was, ben ik ook op Colegio Arubano (middelbare school) geweest. Daar kreeg ik te horen dat er volgend schooljaar een baan vrij zou komen. De rector was heel enthousiast over me en vertelde aan een aantal andere docenten dat hij zijn best ging doen om mij binnen te halen. Het duurde allemaal erg lang, maar eind mei had ik ineens een benoemingsbrief in mijn mailbox. Ik ben dus aangenomen op Colegio Arubano.

In Johannes 15:5 zegt Jezus: “Ik ben de wijnstok en jullie zijn de ranken. Als iemand in mij blijft en ik in hem, zal hij veel vrucht dragen. Maar zonder mij kun je niets doen.” Dat heb ik gemerkt. Als je vrucht wilt dragen moet je bij de Bron blijven. Als je wel met Jezus leeft kun je veel vrucht dragen en zul je bloeien.

Ik heb het afgelopen jaar heel veel geleerd over loslaten en overgeven aan God. Nu ben ik begonnen aan het avontuur op Aruba. Het avontuur met God aan het stuur!

Tim
(villagehost Soul Survivor 2010)
 

Reageer op dit artikel


Er zijn nog geen reacties geplaatst